Go en AI deel 4: plakzetten

Michiel Eijkhout

De AI heeft een ongekende voorkeur om vijandelijkheden te beginnen met het plakken tegen andermans stenen. Deze techniek werd altijd al door profs gebruikt, vooral om zwakke stenen in een vijandelijke invloedssfeer vorm te geven. Attach against strong stones, zo luidt het spreekwoord. Sommige professionals uit de vorige eeuw waren befaamd om hun behendige gebruik van plakzetten, zoals Go Seigen en Fujisawa Shuko. Maar de AI heeft het toepassen van plakzetten naar een nieuw niveau getild. 

Diagram 1 en 2 geven een paar voorbeelden van plakzetten die de AI heeft geïntroduceerd. Zo vroeg in de partij een plakzet spelen stond niet eerder op het programma. Het houdt ook een zeker risico in: een plakzet kan al snel leiden tot een gecompliceerd gevecht. Daar heeft een AI geen bezwaar tegen; als je geen emoties kent en 60 zetten diep kunt rekenen, hoef je complicaties niet uit de weg te gaan. 

Het meest verbazingwekkende voorbeeld van een nieuwe plakzet van de AI staat in diagram 3. Wit pakt de zwarte hoekafsluiting zonder blikken of blozen aan met de gemerkte zet. Daar was een mens nooit op gekomen, maar inmiddels is het een algemeen gehanteerde strategie. Wit dwingt zwart tot een keuze. 

Het ontbreekt hier aan ruimte voor een uitgebreide analyse, maar het sterkste antwoord voor Zwart is 1 in diagram 4.  Daarop is Wit 2 de beste tegenzet. Dit laat zien hoe een dergelijke plakzet heel snel tot een onoverzichtelijk gevecht kan leiden. 

In plaats van Wit 2 in diagram 4 lijkt het aantrekkelijk om met Wit 2 in diagram 5 de hoek open te breken, maar dat valt tegen. Na Zwart 3 en Wit 4 speelt Zwart op 5 en blijkt de witte groep zeer zwak. Met 7 en 9 verdient Zwart de punten die hij in de hoek verloren heeft gemakkelijk terug, terwijl de witte groep nog steeds zonder ogen zit.

Na diagram 4 vervolgt Zwart met 3 en 5. Het lijkt nu of Wit in de problemen zit, maar Wit heeft met 6 en 8 een slimme actie waarmee hij zijn stenen vorm kan geven. Het zijn dit soort vervolgzetten waarin een AI uitblinkt, maar waarvan een mens denkt: waar gaat dat in vredesnaam heen? 

Diagram 7 laat het joseki zien dat tegenwoordig door profs geaccepteerd is als een gelijkwaardig resultaat. Wit gebruikt 12 en 16 om zwart onder druk te zetten en vangt daarna met 20 een steen in de ladder. Hierna speelt zwart waarschijnlijk een ladderbreker aan de andere kant van het bord. Er blijft voor beiden een grote zet op A achter. Merk op dat Zwart met 15 niet op A speelt, want dan moet hij na Wit 20 nog een extra zet in de hoek doen.

Diagram 7

Dat het plakken tegen de stenen van de tegenstander zeer in de mode is, laat het bijgaande fragment uit een partij tussen topprofs zien. Het komt uit de best-of-three finale van de LG Cup van februari 2020. Het is de eerste finalepartij. Zwart is Shin Minjun (Korea) en wit is Ke Jie (China). Na 32 zetten is de stelling in figuur 1 ontstaan. Zwart is aan zet.

Figuur 1

Voor we verder gaan eerst even een inkijkje in het professionele go in tijden van corona-maatregelen. Deze foto van Ke Jie uit begin 2021 laat zien hoe dit eraan toe gaat: spelen achter een groot computerscherm, in de gaten gehouden door camera’s zodat je niet per ongeluk een AI-programma opstart. Rechts buiten beeld zit nog een official die de partij noteert en de klok bedient. Daar zit je dan een hele dag, met je mondkapje en plastic beker cola naast je.

In deze stelling speelde Zwart op 1 in figuur 2, een tamelijk verbijsterende zet die een paar jaar geleden vast niet op het bord gekomen zou zijn. Zwart dwingt wit hiermee tot een strategische keuze. Een voorwaarde voor de gespeelde plakzet is wel dat de ladders goed zijn voor Zwart. Dat wil zeggen, als Wit speelt als in diagram 8 moet Zwart met 6 een steen kunnen vangen. Een soortgelijke ladder kan ontstaan wanneer Wit op 3 begint in plaats van op 1; dan loopt de ladder naar de rechterzijde van het bord. In de partij werken beide ladders uiteraard.  

De conventionele manier van spelen staat in diagram 9. Zwart 1 is een goede uitbreiding, maar Wit krijgt met 2 de kans om de rechterrand open te breken. Zwart 3 is vrijwel verplicht. Wit kan nu de ikken tobi op 4 spelen, die zijn steen op 2 op afstand helpt. Volgens de AI is dit de beste speelwijze. De plakzet uit de partij is een klein beetje minder goed. Zo zie je maar: plakken is ook niet alles.

In plaats van diagram 9 kan Zwart op 1 in diagram 10 spelen, maar dan is Wit 2 een niet te missen uitbreiding. Het plan achter de plakzet is vermoedelijk om deze uitbreiding op een of andere manier te verhinderen of inefficiënt te maken.

 De partij vervolgde als in Figuur 3. Wit 2 is het meest agressieve antwoord op de zwarte plakzet. Er ontstaat nu onmiddellijk een onoverzichtelijk gevecht. Na Wit 6 zien de drie zwarte stenen aan de onderrand er zwak uit, maar Zwart 7 is een goed antwoord dat de AI niet op de radar had. Wit 8 is opnieuw zeer agressief, maar na Zwart 11 heeft Wit geen tijd om te antwoorden omdat zijn hoek anders opgesloten wordt. Het geeft Zwart de gelegenheid om met 13 en 15 op zijn gemak naar het centrum te lopen. Wit 16 is een grote zet die deze groep een basis verschaft. Het gevecht gaat hierna een een nieuwe fase in in de hoek links onder.

Volgens de AI was het slap uitziende Wit 1 in diagram 11 de beste reactie op de plakzet. Speelt Zwart nu bijvoorbeeld op 2, dan heeft Wit met 3 (en niet de uitbreiding op A) een goed vervolg. Zwart kan ervoor kiezen om in plaats van 2 zelf op 3 te spelen, maar dan wordt een witte zet in de buurt van 2 ideaal.